Dongen, 24 juni 2020. Burgemeester Marina Starmans was in haar nopjes en mevrouw Jana Akkermans – in ’t Groen niet minder. Handen schudden mocht niet maar een hartelijke felicitatie kan ook overgebracht worden met een vriendelijke lach en onze burgervrouwe weet daar wel raad mee.

Jana in ’t Groen werd geboren op 24 juni 1920 in de Torenstraat in Dongen.

Dat waren toen huizen “voor grote gezinnen”! Het was een samengesteld gezin; haar vader Janus was weduwnaar en had al 4 kinderen uit zijn eerste huwelijk en Trijntje Raaijmakers-Ebing was weduwe en bracht 6 kinderen mee uit haar eerste huwelijk. Samen kregen zij nóg 2 kinderen, eerst Lena en als laatste Jana. 12 kinderen totaal dus!

DONGEN, Pix4Profs / Jan Stads. Burgemeester Marina Starmans brengt een bezoek op haar verjaardag bij de 100 jarige MW. Akkermans – in ’t Groen

Na de lagere school mocht ze verder leren voor naaister i.p.v. meteen te gaan werken (wat in die tijd best gebruikelijk was). Het vak naaister heeft ze lang uitgeoefend en ze maakte werkelijk van alles voor haar aanzienlijke klantenkring. Ook later tot ver in negentig borduurde ze – als hobby – de mooiste dingen bij De Zonnebloem. Een tweede grote hobby van Jana was toneelspelen bij Kunst naar Kracht. Ze was er 75 jaar lid van en werd op haar 91e tot erelid benoemd. Haar grootste succes was de rol van Kniertje in Op hoop van Zegen.

Na de oorlog kreeg ze verkering met Harrie Akkermans en op 26 mei 1948 trouwden ze. Ze kregen 3 kinderen; Corrie, Ad en Kees. Tussentijds waren er helaas 2 kindjes overleden; eentje nog vóór en eentje kort na de geboorte.

Eind 1955 namen ze Café De Viersprong over en maakten er een zeer succesvolle kroeg van met erg veel verenigingen die daar hun thuishonk hadden. Later met de aangebouwde feestzaal erbij was het een gekend adres voor trouwpartijen en bijeenkomsten (nu nog steeds overigens). Eind 1977 stopten ze ermee en droegen de zaak over aan Mari en Nel van Os. In april 1979 werd Jana – voor haar grote maatschappelijke bijdrage – beloond (en verrast) met een koninklijke onderscheiding. Ze woonden inmiddels in het huis van Mari en Nel in de Helfrichstraat, echter niet lang daarna werd Harrie ziek en overleed helaas op 15 december 1984. De Helfrichstraat was een geliefd logeeradres voor de kleinkinderen, vooral omdat oma altijd wel in was voor een spelletje of een potje kaarten.

Het huis werd te groot voor Jana alleen, daarom ging ze verhuizen naar het Brabantpark waar ze 19 jaar met plezier gewoond heeft. Toen het bericht kwam dat het Brabantpark gesloopt ging worden werd het tijd voor een woning in de verzorging, ze was immers inmiddels al 98 jaar en nog altijd zelfstandig, zij het met enige hulp van de thuiszorg. Als je op 82-jarige leeftijd vanwege een nieuwe heup voor het eerst in je leven een ponsplaatje in het ziekenhuis moet laten maken mag je al niet klagen, toch? Bij de balie wisten ze niet wat ze meemaakten!

Buiten wat gebruikelijke ouderdoms-ongemakken (slechthorend, slecht ter been, 1 oog blind) heeft ze het nog steeds naar haar zin in dit leven en volgt nog altijd haar favoriete quiz programma’s als De Slimste Mens, Met het mes op Tafel, 2 Voor Twaalf, Eén tegen honderd, Postcodeloterij Miljoenenjacht en noem ze maar op. Verder leest ze graag en luistert ze graag naar muziek. Ze roemt dan ook de zorg en (het eten!) bij De Volckaert!

Haar kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen komen allemaal graag op visite, maar ook een aantal nichtjes en neven gaan nog wel eens bij haar op bezoek. Met die visites is ze altijd erg blij, maar ja, momenteel met alle Corona-beperkingen is het allemaal wel erg stil geworden. Op dit moment een groot feest geven is niet gepast omdat het overgrote deel van de familie zowat tot de risicogroep behoort! Als het Jana gegund is gaat ze nu voor “100 jaar en 100 dagen”, want dit unieke feest wil ze de familie niet onthouden. Ergens eind september hoopt haar familie weer voldoende versoepeling te hebben om op een verantwoorde manier stil te staan bij haar 100e verjaardag en een daverend feest te geven voor deze “eeuwig jonge blom”. En dat natuurlijk in “De Viersprong”!